Het huis met de kersenbloesem – Sun-mi Hwang

Een geslaagd zakenman (wat is geslaagd?) keert op hoge leeftijd terug naar zijn geboortedorp. Ooit kocht hij daar zijn ouderlijk huis toen dat leeg kwam, en hij heeft het de dorpelingen verboden ook maar één voet op het terrein te zetten. Hij betaalt een huiswacht om dat in de gaten te houden. 

Als hij dan aankomt blijkt het terrein min of meer volledig in gebruik te zijn bij de dorpelingen.

En dan, ontsteek je in woede? op vooral die huiswacht? Hoe erg is het dat een meisje van 9 er dagelijks een ei uit het kippenhok haalt? Of dat die oude vrouw in die schommelstoel zit, maar er zich zo gelukkig voelt?

De stijl in het boek heeft een prachtige en rustige cadans, en uiteindelijk proef je onder het verhaal belangrijke levensvragen, zoals hoe ga je om met je eigen verleden, wat betekent ‘dit is van jou’?, enz.

Pareltje, gewoon kopen.

Het huis met de kersenbloesemSun-mi Hwang
vertaald door Mattho Mandersloot
uitgevrij Ambo Anthos – prijs € 18,99

De Parijzenaar – I. Hammad

Meeslepend liefdesverhaal gebaseerd op het leven van de overgrootvader van de auteur, geboren in Nablus, en op jonge leeftijd studerend in Constantinopel, Montpellier en Parijs, belicht vanuit Arabisch en Europees perspectief.
Geeft een mooi tijdsbeeld ten tijde van de Eerste Wereldoorlog en de periode daarna.

Over de verdeeldheid van de Arabieren onderling; over het zoeken naar vrijheid van de hoofdpersoon en zijn gehechtheid aan zijn geboortegrond. De persoonlijke en  politieke invalshoek wordt hier sterk bijeengebracht. Ook hier zie je hoe bv de Fransen kijken naar Arabieren vanuit allerlei vooroordelen, die nu nog steeds bestaan. Het doet je nadenken over je eigen (voor)oordelen.

De Parijzenaar – Isabella Hammad
vertaald door Gerda Baardman en Jan de Nijs
uitgeverij Ambo Anthos – prijs € 27,50 
recensie door Yvonne

 

De laatste zomer in de stad – G. Calligarich

Rome, in de jaren zeventig. 
De hoofdpersoon is erheen verhuisd om een burgerleventje in Milaan te voorkomen.
Weet je, blijf gewoon helemaal vrij, bind je niet, neem geen vaste baan, en scharrel wat rond. Dan ben je nergens bij betrokken, en blijf je ongebonden. Dat doet hij.
Maar het leven laat zich niet plannen: hij ontmoet de fascinerende Arianna, die zo uit een Fellini lijkt weggelopen. Ze beleven een onstuimige tijd, maar het levert hem niet op wat hij zoekt.

Een boek over Rome, over die tijd, de feesten, de alcohol (regelmatig zo komisch beschreven), de vrije seksualiteit en de pijn ervan, de doelen in het leven.

En een fijn leesboek, met veel humor, en in rake typeringen neergezet.

 

De laatste zomer in de stadGianfranco Calligarich
vertaald door (buurtbewoonster) Els van der Pluijm
uitgeverij Wereldbibliotheek – prijs € 20

 

Beschavingen – L. Binet

Toen ik lang geleden ‘Het complot tegen Amerika’ (Philip Roth) las, dacht ik “Hè, heb ik nou op school bij geschiedenis zo slecht opgelet, of hebben ze me dit nooit verteld?”. Beide gedachtes bleken onjuist.
Fictie is fictie, verzonnen.
 
Binet (u kent hem misschien nog van ‘HhhH’, dat ook verfilmd werd) speelt in zijn nieuwe roman ‘Beschavingen’ met de geschiedenis wanneer hij het idee uitwerkt van een veroveringstocht vanuit Zuid-Amerika: hoe Europa er uit gezien zou hebben als niet de Spanjaarden Zuid-Amerika hadden veroverd, maar als de inwoners van daar (aanvankelijk de Inca’s, later ook de Azteken) Europa hadden veroverd. 
Dan hadden we hier een andere taal gesproken, een andere godsdienst gehad, een andere filosofie, een andere boekhandel (écht niet!), …
 
Laurent Binet is een verhalenverteller, hij neemt je mee, déze geschiednis in, en het verhaal laat je niet meer los.
 
BeschavingenLaurent Binet
vertaald door Liesbeth van Nes
uitgeverij Meulenhoff – € 24,99
 

De Coronastorm – R. ten Bos

Op de provocatieve manier die we van hem gewend zijn stelt René ten Bos vragen naar aanleiding van het beleid waarmee overheid en RIVM de uitbreiding van het virus willen beperken.

De storm die door het coronavirus in lichamen wordt veroorzaakt, lijkt op de storm die de epidemie in de samenleving veroorzaakt, zegt hij. Ook onze manier van denken over gezondheid legt hij onder het fileermes. 

Dit doet hij aan de hand van een filosofisch woordenboek, waarbij hij de begrippen in het kader van COVID-19 toelicht.

Het boek zet aan tot denken, en tot discussie.

De CoronastormRené ten Bos
uitgeverij Boom – prijs € 17,50

P.S. 
Ook interssant in dit verband: PandemieSlavoj Zizek

 

Sakura – Naoko Abe

Sinds ik ‘De niet verhoorde gebeden van Jacob de Zoet’ van David Mitchell heb gelezen is mijn belangstelling voor Japan heel breed geworden. Dus toen onlangs dit prachtboek van Naoko Abe uit kwam was ik meteen geïnteresseerd. Het bleek zowel het levensverhaal van de Britse botanicus Collingwood Ingram (1880-1981) als een historische beschrijving van Japan te zijn, waarin de cultuur van de kersenbloesem ‘Sakura’ een hoofdrol speelt.

Ingram werd geboren in een zeer welgesteld milieu en had van jongsaf aan grote belangstelling voor de natuur. Met enorm oog voor detail volgt Abe de man in zijn ontdekkingsreis naar kennis, eerst over vogels en na vele jaren over de Japanse endemische kersenbloesembomen.

Als door politieke machinaties de soortendiversiteit in Japan gedecimeerd dreigt te worden maakt hij het zijn levenswerk om zoveel mogelijk bijzondere soorten die hij al decennia lang in Engeland had opgekweekt weer terug te brengen naar hun oorspronkelijke habitat.

Ik vind het werkelijk een ingenieus gecomponeerd en verrijkend boek dat ik vele lezers gun.

Sakura – Naoko Abe
Uitgeverij Thomas Rap – prijs € 22,99

(recensie door Marlèn)

.. en verder …


In een tijd van post-truth, alternatieve waarheden en fact-checks komt het essay van de Maand van de Filosofie als geroepen: filosofe Alicja Gescinska analyseert hierin het verval van de waarheid dat onze tijd kenmerkt. Op een inzichtelijke manier schetst ze de crisis die hieronder ligt, namelijk het gebrek aan wat ze noemt ‘waarachtigheid’, oprechte intenties tegenover anderen. Tegenover de leugen stelt Gescinska dan ook niet de waarheid, maar waarachtigheid. Je zou eigenlijk willen dat ze er een boek over had volgeschreven, maar dit essay is een mooi begin om met dit prachtig thema kennis te maken. 
 

Joan Didion – De verhalen die we onszelf vertellen
Scherpzinnige observaties over de jaren ’60 in Californië, New York, de vrouwenbeweging, zichzelf. Ze beschrijft en onderzoekt zonder dat ze oordeelt of haar mening opdringt. Nog steeds relevant.

Vivian Gornick  
Verstrengeld (Fierce Attachments): Over haar stroeve ruzieachtige relatie met haar moeder wandelend door New York; wat een humor!
Een vrouw apart. En de stad (The Odd Woman and the City): op latere leeftijd wandelend met een vriend: ook weer kritisch, tegendraads.
‘The most vital form of connection other than sex,’ writes Gornick, ‘is conversation’.,

Fleur Bourgonje – Liefde, liefde
Een poëtisch verhaal aan de hand van vijf personen, drie mannen en twee vrouwen over wat liefde is, over herinneringen die op een verlaten plek ver weg van de bewoonde wereld naar boven komen en waar je op verschillende manieren mee om kunt gaan. Een kleinood.

 
Bas Heine – Mens/onmens
Volgens Heine speelt zich in onze samenleving een diep conflict af waarin twee obsessies centraal staan: namelijk de eigen identiteit en de eigen waarheid. In een zeer heldere, duidelijk geschreven stijl, weet Heine aan de hand van de genoemde obsessies krachtig de geest van de 21e eeuw te duiden. Een analytisch, filosoferend sterk essay dat gezien de huidige Black Lives Matter beweging en de huidige stand van racisme juist zo actueel is. Heijne weet weer als geen ander vele nieuwsfeiten te combineren tot een messcherp betoog.
 
Volker Ulrich – Acht dagen in mei
Journalist en historicus Ulrich slaagt erin om de acht lange, chaotische dagen die het einde markeerde van het nationaalsocialisme, maar nog niet het begin waren van het nieuwe tijdperk, levendig te beschrijven. Miljoenen mensen beleefden deze dagen als een periode die wankelde tussen enerzijds het einde der tijden en anderzijds het ontwaken van een nieuw tijdperk. De verzameling historische dagboeken, brieven en herinneringen zorgen ervoor dat je als lezer de geschiedenis wordt ingezogen en bijna als getuige meemaakt wat er destijds gebeurde.
 
 

Pelgrim – Philip Dröge (recensie door Marlèn)

Eén van de beste boeken van de laatste tijd vind ik ‘Pelgrim’ van Philip Dröge, over Christiaan Snouck Hurgronje. Deze Christiaan (1857-1936) is een enorm nieuwsgierig mens die dol is op vreemde talen en culturen, vandaar dat hij in Leiden Arabisch is gaan studeren, wat in de tweede helft van de 19e eeuw heel bijzonder was.
Hij is professioneel zeer geïnteresseerd in wat mensen drijft en verstaat de kunst om zich snel aan te passen aan de mores van een vreemde maatschappij. Een kameleon is hij, diplomaat en spion, een man zonder scrupules.
Hij bekeert zich tot de islam en laat hij zich besnijden om op die manier toegang te krijgen tot Mekka waar hij de islam en de Mohammedanen gaat bestuderen voor de Nederlandse regering. Die interesseert zich meer en meer voor deze godsdienst, aangezien het ook de belangrijkste godsdienst is in Indonesië, waar ze  nog steeds de koloniale machthebber is, al rommelt het hier en daar wel in het paradijs.
Christiaan weet steeds weer als vanzelfsprekend de juiste positie te verkrijgen om onderzoek te doen en alles te boekstaven voor de Nederlandse staat, maar ook voor zichzelf als wetenschapper. Een uitzonderlijk maar niet per sé aangenaam mens. Een man die veel gemeen heeft met zijn vader die ook twee relaties aanging met vrouwen en het eerste gezin met kinderen in de steek liet voor de nieuwe vrouw, waarmee hij ook weer kinderen kreeg waaronder Christiaan. Geboren voor het avontuur en hongerig naar kennis en erkenning.
Dröge sleepte me mee naar tijden en gebieden waar ikzelf nooit een voet zou  durven zetten, een geweldige ervaring.

‘Lichter dan ik’ – Dido Michielsen (recensie door Marlèn)

De roman ‘Lichter dan ik’ van Dido Michielsen heb ik net uit en vond het erg mooi. Het speelt op Java in de 19e eeuw 1840-1917 en vertelt het verhaal  van Isah, de betovergrootmoeder van de schrijfster. Isah groeit op in de kraton, het islamitische vorstenverblijf in Djokja. De vorst en zijn zonen hadden vele bijvrouwen en als jong meisje wist je al dat je uiteindelijk uitgehuwelijkt zou worden aan een van hen. Isah is een eigenzinnige jongedame die daar geen trek in heeft en zich meer aangetrokken voelt door de blanke heersers van het land. Zij idealiseert de vele gemengde huwelijken die gemeengoed zijn in de Indische gemeenschap, vlucht uit de kraton en wordt de huishoudster en minnares van een Hollandse officier. Haar droom is dat hij uiteindelijk met haar zal trouwen, de werkelijkheid blijkt heel anders uit te pakken. Een meeslepend verhaal over onze koloniale tijd in Indonesië.

 

De goede zoon – R. van Essen

In zeven dagen schept Rob van Essen een ontregelend, ontroerend, spannend en bij vlagen hilarisch verhaal over het heden, verleden en de nabije toekomst. Vanaf bladzijde één word je meegezogen in het leven van de hoofdpersoon en verteller, een man van zestig, waarvan ik pas aan het einde van het boek besefte dat ik zijn naam niet wist. Al terugbladerend begreep ik niet hoe de schrijver dat voor elkaar had gekregen, ik kende hem zo intiem en dan toch naamloos? Zo’n boek is het dus. Je weet alles van hem, je zit in zijn hoofd, volgt zijn gedachten en avonturen, maar dàt wordt je onthouden.
Als schoolverlater gaat de man in het Archief van Amsterdam werken, waar hij collega’s ontmoet die in zijn latere leven een totaal andere rol gaan spelen. De verhouding tot zijn moeder wordt op een manier beschreven waar J.J. Voskuil van zou gaan huilen en uiteindelijk beland je in een futuristische thriller met zelfrijdende auto’s, ironisch antwoordende robots en mechanische herten. Een prachtig geschreven krankjorem boek, dat je doet twijfelen of die toekomst niet al lang begonnen is.

De goede zoonRob van Essen
uitgeverij Atlas Contact – prijs € 21,99

(recensie door Marlèn)

De grenzen van mijn taal

Of je nu gevonden of verloren bent, golven blijven bewegen, de branding trekt zich terug en komt weer naar voren, de zee eindigt niet, gaat alleen in de verte over in lucht. Je lichaam is ook een zee, beweegt met dag en nacht mee, wordt vanzelf ouder, is gemaakt van deeltjes die veel ouder zijn dan jij bent. Straks is alles weer voorbij en ga je op in wat er was. Dus leun maar op de aarde, op de dagen die je dragen. Morgen kan het anders zijn.

Zo luiden de laatste zinnen van een magische en troostrijke zoektocht naar wat ons leven betekenis geeft; getiteld ‘De grenzen van mijn taal: een klein filosofisch onderzoek naar depressie’ en geschreven door filosofe, kunstenares en zangeres Eva Meijer (1980). Toen Meijer in haar pubertijd zat, werd ze voor het eerst verlamd door een depressie, iets wat in de jaren daarna in verschillende hoedanigheid steeds opnieuw de kop opstak.

Naar de behandeling van depressie is al veelvuldig onderzoek gedaan. In 2017 slikten immers bijna een miljoen mensen in Nederland antidepressiva, en dat aantal stijgt. Maar wat doet het nu precies met iemand die deze grijze deken van diepe somberte ervaart? En wat is er binnen de filosofie is geschreven en gezegd over de aard van melancholie en depressie, rouw, de waarde van waanzin, de verbinding met onze medemens, kunst als medicijn, en de taal om onze gevoelens uit te kunnen drukken?

Meijer weet haar persoonlijke ervaringen te verwoorden in een prachtig en eerlijk relaas wat de lezer tegelijkertijd voert langs denkers zoals de fenomenoloog Maurice Merleau-Ponty, die schreef over de belichaamde ervaring, Michel Foucault’s ‘technieken van het zelf’, en de betekenis van woorden bij Wittgenstein. Maar boven alles is ‘De grenzen van mijn taal’ een handreiking naar ieder die, op wat voor manier dan ook, met het fenomeen te maken krijgt. Meijer beschrijft hoe ze leerde ‘haar gedachten tussen haakjes te zetten’, de wereld te blijven waarnemen, contact te maken met de natuur door letterlijk te bewegen, en de nabijheid van dieren op te zoeken. Dat maakt van dit dunne boekje tegelijkertijd een praktische gids, en het vormt voor veel lezers ongetwijfeld een grote bron van herkenning. Warm aanbevolen.

De grenzen van mijn taal: een klein filosofisch onderzoek naar depressie – Eva Meijer Uitgeverij Cossee – prijs €15,50

(recensie door Djuna)

 

 

 

Een aangekondigde catastrofe

Er was eens een dorp in de bergen. Rondom het dorp waren wat weilanden waar de koeien en geiten konden grazen. De mensen hadden het niet breed, ze leefden met wat vee dat hun melk, vlees, eieren en dergelijke leverde. Ergens op een helling groeide een graansoort waar brood van gebakken kon worden. Het ging net.

Maar eigenlijk hebben ze meer land, meer weilanden nodig. Want de weilanden vlakbij het dorp zijn kaal gegeten.
Hoger gelegen zíjn er van die weilanden….

De jongeren zeggen, laten we die ook in gebruik nemen, we hebben ze echt nodig. De ouderen zeggen, nee doe dat niet. We hebben het eerder geprobeerd, dat heeft tot een ramp geleid.
Wie heeft de betere argumenten? Oud tegen jong, traditioneel tegen modern. Harde argumenten (’te weinig weiland’) tegen zachte argumenten (’het ging toen mis’ — bijgeloof?)
Ze gaan stemmen…
 
Ook dankzij het bijzondere taalgebruik (heel typische herhalingen) wordt de spanning opgevoerd, zó dat je haast trillend meeleest, af en toe niet durft verder te lezen.
 
Deze spannende roman is in 1926 geschreven, door de Zwitser Ramuz, en opnieuw vertaald en uitgegeven.
 
 
De grote angst voor de bergenF. Ramuz (vertaling Rokus Hofstede)
uitgeverij van Oorschot – € 21,50

De Arabier van de toekomst deel 4 – R. Sattouf

Voor mijn gevoel duurde het eeuwen voordat het vierde deel van deze autobiografische graphic novel van Riad Sattouf uitkwam, maar nu kan ik tevreden melden dat het nog steeds een razend knap geschreven en getekend verhaal is. Inmiddels zijn er dan ook wereldwijd 1,5 miljoen exemplaren van verkocht!

Het leven van de inmiddels 9-jarige Riad is onveranderd spannend en hilarisch. Hij woont nu met zijn Franse moeder Clementine en broertjes Yahya en Fadi in Bretagne bij zijn oma en opa, terwijl zijn Syrische vader Abdel les geeft op een universiteit in Saoedi- Arabië. Ma is helemaal klaar met het Midden- Oosten en wil dat haar man zich bij het gezin in Frankrijk voegt. De bittere strijd die hierover gevoerd wordt dringt steeds meer het leven van Riad binnen, ook al rukt de puberteit voortvarend op en heeft hij het vooral druk met de meisjes, zijn huid, zijn kapsel en niet te vergeten zijn identiteit.

Het helpt niet dat zijn egocentrische vader zich steeds achterbakser, racistisch- en nationalistischer gaat gedragen, terwijl hij Riad probeert te paaien met dure sneakers en mooie dromen. In dit kruisvuur vlieg je als lezer door de hedendaagse multiculturele problematiek, gezien door de ogen van een opgroeiende jongen die langzaam zijn onschuld verliest.

Het blijft verbluffend hoe de ogenschijnlijk onschuldige tekenstijl met de vrolijke steunkleuren zo’n meeslepend levensverhaal kunnen weergeven, ziedaar de kracht van de kunstenaar en schrijver Sattouf. Een hartelijk dringende aanrader, ook voor wie zich nog nooit aan dit genre gewaagd heeft!

De Arabier van de toekomst deel 4 (Een jeugd in het Midden-Oosten 1987-1992) – Riad Sattouf
Uitgeverij De Geus – vertaling Toon Dohmen – prijs € 22,50

(Recensie door Marlèn)

 

Huis in brand – K. Shamsie

In ‘Huis in brand’ beschrijft Kamila Shamsie de ontmoeting tussen de upper- en middleclass van twee Brits-Pakistaanse families in Londen, de families Lone en Pasha. Karamat Lone heeft zich met spitse ellebogen opgewerkt tot een rechtlijnige, Britser dan Britse politicus en is pas minister van Binnenlandse zaken geworden. Hij resideert samen met zijn vrouw Terry en zoon Eamonn in een enorm, goed beveiligd huis in een lommerrijke buurt.

De familie Pasha woont in een drukke migrantenwijk en heeft een beladen achtergrond. De vader was een klaploper en een gokker zonder enige belangstelling voor zijn gezin. Hij ontvluchtte zijn verantwoordelijkheden na de geboorte van zijn drie kinderen en reisde naar Bosnië om mee te vechten met de moslims aldaar. Vervolgens trok hij verder als jihadi naar het Midden– Oosten en komt om. De moeder overlijdt niet veel later, waardoor de oudste dochter Isma de jonge tweeling Aneeka en Parvais verder moet opvoeden.

Ondanks alles gaat dat allemaal goed en als de tweeling 19 jaar is durft Isma een beurs aan te nemen voor een studie in de VS. Dan blijkt dat de vrijgevochten Aneeka zich daar prima in kan vinden, maar haar zoekende broer Parvais voelt zich voor de tweede keer in de steek gelaten, eerst door zijn vader en nu door zijn zus. Hierdoor wordt hij ontvankelijk voor de vaderlijke ronselaar Farooq, die hem in korte tijd klaar stoomt voor IS en doorstuurt naar Syrië, zijn zussen radeloos achterlatend. 

De families krijgen met elkaar te maken als de niet al te slimme Eamonn Lone verliefd wordt op Aneeka. Er ontwikkelt zich een soort Griekse tragedie als vader Kamarat zich keihard opstelt in het politieke steekspel wanneer bekend wordt dat de geliefde van zijn zoon een broer heeft die zich in een IS kamp bevindt, maar als spijtoptant terug wil naar Engeland.

De schrijfster bouwt de spanning gestaag op en maakt razend goed invoelbaar hoe complex de situatie voor alle betrokkenen is. Mij raakte het verhaal enorm omdat dit de problematiek van het heden is: hoe om te gaan met de integratie van verschillende culturen in Europa, hoe menselijk en barmhartig te blijven en altijd te blijven zoeken naar oplossingen die de samenleving bestendigt en niet kapot maakt.

Ik vind het een heel knap en helder geschreven boek dat het waard is om door iedereen gelezen te worden.

Huis in brand – Kamila Shamsie
Uitgeverij Signatuur – prijs € 21,99

(recensie door Marlèn)

 

Westwaarts met de nacht – B. Markham

In de laatste hete maand van deze zomer las ik de memoires van Beryl Markham (1902-1986), een vrouw waar ik nog nooit van gehoord had, maar de coverfoto van haar met een vliegenierskap- en bril stoer bovenop haar hoofd geschoven intrigeerde me zodanig dat ik meteen de achterflaptekst wilde lezen en daarna het hele boek.

333 Pagina’s lang werd ik betoverd door haar onderkoelde, ongelofelijk beeldrijke proza dat me haar leven in Brits-Oost-Afrika in zoog. Al jong werd ze verzorger en trainer van renpaarden, later luchtvaartpionier en vloog ze als eerste persoon solo over de Atlantische oceaan van Engeland naar Nova Scotia in Canada.

Maar laat ik beginnen bij het begin: als 4-jarige verhuist ze samen met haar ouders naar Njoro in het huidige Kenia, waar haar vader van de grond af een boerderij opbouwt en Beryl voornamelijk voor zichzelf moet zorgen aangezien moeders het ruige leven meteen al voor gezien houdt en spoorslags terugkeert naar Engeland. Markham verspilt er geen woord aan en vertelt alleen over hoe ze meteen Swahili leerde en blootsvoets met de lokale stammen op jacht ging zodra ze hard genoeg kon rennen.

Van jongs af aan krijgt ze serieuze taken van haar vader toebedeeld op de boerderij, zoals de renpaarden verzorgen, inrijden en later ook trainen voor races. Van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat draait haar leven om beesten en de natuur. Voor wat warmte en gezelligheid moet ze bij de buurvrouw zijn, maar die ziet ze niet al te vaak aangezien die 300 km. verderop woont.

Het is een prachtig beschreven avontuurlijk leven met adembenemende beschrijvingen van het Afrika van toen. Emoties en intieme relaties komen niet aan bod, wonderlijk hechte vriendschappen des te meer. Het was een bijzonder mens, een soort vrouwelijke Biggles, maar dan … anders.

Pas toen ik het boek uit had heb ik het voorwoord gelezen en daar was ik blij om, de informatie die daar in staat had me gestoord in het onvoorwaardelijk volgen van het verhaal van Beryl Markham zelf. Ook wat ik op internet heb gevonden heb ik uiteindelijk amper gelezen, niets kan op tegen de memoires van de dame zelf!

Westwaarts met de nachtBeryl Markham
Uitgevrij Arbeiderspers – prijs € 24,99

(recensie door Marlèn)